Recensie: We Bought A Zoo

leuk, een eigen dierentuin

De carrière van regisseur / filmschrijver Cameron Crowe is altijd al een beetje tegendraads geweest. De man is over het geheel genomen een gigantische optimist (zie: al zijn films, behalve misschien Vanilla Sky), en heeft soms nog wel eens de neiging om de soundtrack en de sfeer boven de inhoud van de film te plaatsen (het ernstig ondergewaardeerde Elizabethtown als heerlijk quirky voorbeeld). Sowieso zijn muzikanten gek op hem: Radiohead debuteerde werk van Kid A voordat deze via Napster lekte in Vanilla Sky, en leden van Pearl Jam, Soundgarden en Alice in Chains speelden mee in Singles. Commercieel is hij er na Jerry Maguire en Vanilla Sky niet meer in geslaagd om tot de echte top door te breken.

Kinderen!

Met zijn laatste film, We Bought A Zoo (vanaf april in de Nederlandse bioscoop), gaat dat ook niet gebeuren, alhoewel hij mogelijkerwijs wel een nieuw publiek heeft aangeboord: kinderen! En dan bedoelen we geen pubers die in flanellen overhemden naar het Sub Pop-label luisterden.In We Bought A Zoo is het crossover-potentieel naar een nog jonger publiek ruimschoots aanwezig.

De film volgt de onderzoeksjournalist Benjamin Mee (Matt Damon), die een jaar na het overlijden van zijn vrouw nog steeds zijn leven niet op orde heeft gekregen. Als de herinneringen van het oude huis hem teveel worden, besluit hij zijn twee kinderen mee te sleuren op zoektocht naar een nieuwe woning. Het ideale huis blijkt naast een hoop ruimte ook een volledige dierentuin aan zich gebonden te hebben. Met het optimisme van een dertiger in een quarter-life crisis stort Mee zich samen met de overgebleven staf van de dierentuin (waaronder naast Scarlett Johansson ook onder andere Elle Fanning (het zusje van) en Patrick Fugit, de hoofdrolspeler uit Almost Famous te vinden zijn) op een grootscheepse renovatie. De deadline voor de bloedstrenge inspectie ligt scherp, het geld raakt op, één van de tijgers drijgt aan ouderdom ten onder te gaan, en temidden van dit alles is oudste zoon Dylan ook nog eens flink aan het puberen.

Sfeer en muziek

Geen baanbrekend verhaal dus, maar de handelsmerken van Crowe, sfeer en muziek, zijn allebei weer ruimschoots vertegenwoordigd. Jonsí, in het dagelijks leven zanger van Sigur Ros, tekende voor het merendeel van de soundtrack, waar ook onder meer Holocene van Bon Iver op terug te horen is. Sfeer is, buiten het ongebreideld optimistische script, vertegenwoordigd in de cinematografie (de overbelichte foto’s van de vrouw van Mee, de vliegers aan het einde van de film), en ook in de wisselwerking tussen de meeste acteurs. De meeste, want Scarlett Johansson valt gigantisch uit de toon: haar karakter van dierenverzorgster Kelly Foster komt niet uit de verf, te meer door de automatische piloot waarop Johansson zich door de film heen werkt. Haar gedachten zaten duidelijk al bij grotere projecten (Avengers, anyone?). Eervolle vermeldingen zijn er voor Angus Macfayden als de excentrieke Schot Peter MacCready en Maggie Elizabeth Jones als dochtertje Rosie.

We kunnen niet al te veel woorden vuil maken aan We Bought A Zoo. Dit is geen film waarmee Crowe probeert de wereld te veranderen, een zware boodschap over te brengen, of filmprijzen in de wacht te slepen. We Bought A Zoo is gemaakt met als beoogd doel een leuke film uit te brengen. En dat is prima gelukt: de film is in één simpel, maar veelzeggend woord samen te vatten: Leuk.

Recensie: Jacco Kuipers vanuit Chicago

Volg Mixed Grill op social media