Recensie: Father John Misty, Paradiso Amsterdam

ga er eens lekker bij liggen

Soms is een tijdje in een bekende band spelen een mooie springplank voor een solocarrière. Father John Misty is het soloproject van Joshua Tillman, die vroeger door het leven ging als J. Tillman, en wellicht het meest bekend is als de voormalige drummer van Fleet Foxes.

Tillman had al een paar platen op zijn oude naam staan, maar trok pas dit voorjaar de aandacht van het grote publiek met album Fear Fun. Sommigen sloegen de plaat zelfs hoger aan dan het laatste album van de Fleet Foxes. De verwachtingen van het publiek in Paradiso’s kleine zaal zijn dan ook hooggespannen.

Wanneer de band op het podium verschijnt, is het vanaf het eerste moment duidelijk dat de verwachtingen niet ingelost gaan worden. Tillman duldt geen applaus bij de opkomst van de band, want zo zegt hij sarcastisch: “we moeten het entertainment snel achter de rug hebben, zodat we op tijd klaar zijn voor de volgende band”. Dergelijk sarcasme voert tijdens de hele set de boventoon. Het publiek wordt getrakteerd op een concert waarbij de zanger nagenoeg geen moment serieus is, en zichzelf en zijn bandgenoten vermaakt met gekke dansjes en andere flauwigheid. Vermakelijk is het wel: een artiest die zichzelf, als een grappige versie van Jim Morrison, iedere twee nummers op het podium laat vallen en constant flauwe grappen vertelt tussen (en soms zelfs tijdens) nummers. Maar jammer is het ook. Want het doet af aan de knap in elkaar stekende liedjes, met harmonietjes die aan Fleet Foxes doen denken.

bezwerend

Op de band is technisch weinig aan te merken, de vijf muzikanten zijn duidelijk goed op elkaar ingespeeld, en Tillman is, ook al doet hij nog zo raar, goed bij stem. Als hij zijn mooie popliedjes op serieuze wijze brengt, maakt de band wel degelijk indruk. Het hoogtepunt van de set wordt gevormd door Everyman Needs A Companion, een ballad die relatief ingetogen wordt gespeeld.

Na een set van krap een uur mag de band tot hun eigen verbazing van zowel de organisatie als het publiek terugkomen voor een toegift. De band speelt een ietwat gejaagde cover van On The Road Again van Canned Heat, en is snel weer weg. Het is een raar en vermakelijke optreden dankzij het clowneske gedrag van Tillman, maar zal niet lang beklijven. Al vroeg in de set verklaart Tillman cynisch “That was supposed to be awesome”. Dat had wellicht voor het gehele optreden kunnen gelden, mits hij het tenminste serieus had genomen.

Recensie & foto’s: Erik Bremer