Humor in de Gouden Eeuw – top 5 van Ann Demeester

Metropolitan Museum of Art- Peter Wtewael - Keukenscene
Peter Wtewael – Keukenscene (via Metropolitan Museum of Art in New York)

In het Frans Hals Museum kun je momenteel genieten van de bijzondere tentoonstelling De Kunst van het Lachen. Voor het eerst ter wereld is een overzicht te zien van humor in de zeventiende-eeuwse schilderkunst uit Nederland. Directeur Ann Demeester licht speciaal voor ons haar favoriete werken toe.

In de Gouden Eeuw zijn er in Nederland veel verschillende soorten humoristische schilderijen gemaakt. De laatste jaren krijgen kunsthistorici steeds meer zicht op de humor die besloten ligt in schilderijen uit die tijd. Ons gevoel voor humor is door de eeuwen heen veranderd en daarom hebben we tegenwoordig vaak moeite met het herkennen van de beeldspraak die is verwerkt in de schilderijen uit de zeventiende eeuw.

Top vijf

De tentoonstelling in het Haarlemse museum, waarover we eerder al een artikel schreven, laat een groot overzicht zien van realistische schilderijen waarin allerlei grappen verstopt zitten. Het bestaat uit ongeveer zestig topstukken, welke zijn geleend van musea uit binnen- en buitenland. Museumdirecteur Ann Demeester vertelt hieronder over de 5 schilderijen die voor haar het meest tot de verbeelding spreken:

Peter Wtewael – Keukenscene (rond 1625)

Een soort 17de eeuwse Nigella Lawson. Duidelijk erotische keukenscene waarin allerlei seksuele toespelingen, zowel expliciet als meer ‘versleuteld’, verwerkt zijn. Het ligt er haast te ‘dik bovenop’. De jongen komt van de boerderij met een mandje eieren. De dode eend die hij in zijn hand heeft, was indertijd een welbekend symbool voor ‘vogelen’ (seks). De kan met de geopende deksel is een verwijzing naar de vrouwelijke genitaliën. Vlees aan het spit rijgen is eveneens dubbelzinnig, net als de uitstalling op tafel. Dode konijnen (bekend om hun voortplantingsdrift) en snippen (vogels die zich makkelijk laten vangen).

Nicolaes Maes – De luistervink (1657)

Schitterend ondeugend schilderij. Luistervinken is an sich niet grappig, maar hier wordt via verschillende zintuigen heel veel gesuggereerd. De keukenmeid hoort een vermoedelijk vurig en gepassioneerd gesprek tussen twee geliefden en de kijker ‘ziet’ tekenen van overspel die de meid niet kan zien. Allebei, zowel de keukenmeid in het schilderij als de kijker die naar het schilderij kijkt, staan op achterstand. De één ziet niet en de ander hoort niet. Alles draait dus om vermoedens en suggestie. De voorstelling op het schilderij lijkt een vorm van visuele roddel.

Judith Leyster – Een jongen en een meisje met een kat en een aal (rond 1635)

Leyster schildert hier niet de ontknoping – het kattenkwaad zelf, namelijk meisje trekt kat aan staart – maar het moment daarvoor. Het meisje kondigt met haar opgeheven vingertje aan dat ze iets stouts zal doen. Net als in een film, want we zien niet de slotscene, maar wel de scene waarin het onheil wordt aangekondigd. De aal staat symbool voor iets wat ongewis is en het 17de eeuwse spreekwoord luidt ‘Hij heeft dat zo vast, als een paling bij de staart’.

Hendrick Goltzius – Ongelijk paar (1614)

Een 17de eeuwse cougar. Het thema van de ongelijke liefde keert vaak terug in de 17de eeuwse kunst en lijkt van alle tijden. Ook nu worden cougars nog uitgelachen en beschimpt. Oudere mannen met een jong blaadje worden daarentegen bewonderd omwille van hun vitaliteit en viriliteit. Het thema is vaak onderwerp in beeldende kunst, literatuur en moppenboekjes in die tijd. Zo ook in één van de liederen van de Amsterdamse dichter en toneelschrijver Gerbrand Adriaensz Bredero ‘Een oud Besjen met een Jongman’. Het humoristische is de ongepastheid zoals afgebeeld.

Johannes Verspronck – Slapende jongen in een hoge stoel (1654)

Een bijzonder werk in de categorie trompe l’oeil, is het werk van Verspronck. Hij kan worden gezien als initiator van dit genre in de Republiek der Nederlanden. Het kunstwerk van het slapende jongetje in de stoel is levendig beschilderd op in een vorm gezaagd stuk hout, klaar om ergens neer te kunnen zetten met het doel om het oog te misleiden.

Catalogus

Nieuwsgierig geworden naar de beschreven werken en de rest van de tentoonstelling? Kom dan alles in het echt bekijken! De Kunst van het Lachen – Humor in de Gouden Eeuw is nog te zien t/m 18 maart 2018. Bij de tentoonstelling is ook een prachtige catalogus verschenen.

Frans Hals Museum
Groot Heiligland 62
Haarlem

The National Gallery - Judith Leyster - Een jongen en een meisje met een kat en een aal
Judith Leyster, Een jongen en een meisje met een kat en een aal (bruikleen via The National Gallery in Londen)