Hidden Gems: Steve Reich – Music for 18 Musicians

Steve Reich

Wanneer we het hebben over de geschiedenis van de dancemuziek, hoor je over het algemeen dezelfde namen: Giorgio Moroder (de producer van onder meer Donna Summer’s I Feel Love), electronica-pioniers Kraftwerk, Afrika Bambaataa, etc.

Deze muzikanten hebben dan vooral de dance muziek mogelijk gemaakt met behulp van hun innovatieve aanpak van elektronische percussie en synthesizers. Veel van de andere elementen die dance muziek typeren zijn echter mogelijkerwijs uit andere bronnen naar voren gekomen.

Na de vorige keer in de serie Hidden Gems te hebben gekeken naar een mogelijke missing link in de triphop, vestigen we vandaag de aandacht op een muziekstuk uit midden jaren ’70 dat eigenlijk moeiteloos kan worden doorvertaald naar het beste werk van acts als Underworld of Matthew Herbert – Music for 18 Musicians van de Amerikaanse minimalistische componist Steve Reich.

19 mensen

Zoals de naam doet vermoeden, is dit een stuk dat oorspronkelijk door 18 muzikanten moest worden uitgevoerd. Hierbij dient wel te worden opgemerkt dat Reich ervan uitging dat veel muzikanten konden “dubbelen”, oftewel gedurende het stuk konden omschakelen van het ene instrument naar het andere. Wij zagen het stuk onlangs uitgevoerd worden door een ploeg van 19 mensen, te meer om de vocalisten wat rust te geven.

De instrumentatie van het stuk is niet je typische klassieke opstelling: er zijn maar twee strijkers (cello en viool), met heel veel nadruk op marimba, xylofoon, en piano. Het vijf kwartier durende stuk bestaat uit een cyclus van elf akkoorden, waarbij ieder akkoord zijn eigen stuk krijgt. Inhoudelijk lopen de stukken naadloos in elkaar over. Waar Music… echt bijzonder wordt is in het constante ritme dat wordt aangehouden door een haast permanente “beat” gemaakt door marimba, piano, en in sommige gevallen stotterende vocalen.

IJzersterke discipline

Dat is ook waar de link naar dance muziek voelbaar wordt – in plaats van een kant en klare melodie zoals die in de popmuziek of in de “conventionele” klassieke muziek terug te vinden is, is er hier sprake van een constante ritmische basis. Daar overheen komen korte motieven voorbij, die verdwijnen, en later weer op nieuw kunnen verschijnen. De werkwijze is vergelijkbaar met een DJ die de beat constant houdt en de melodieën hier overheen mixt. Het constante tempo vergt een ijzersterke discipline van de muzikanten (die vaak tientallen minuten niets anders doen dan hetzelfde akkoord honderden keren per minuut hameren), en Reich stond er dan ook op om de eerste groep uitvoerende muzikanten zelf te trainen.

Het resultaat van dit gehamer en de strakke uitvoering is een haast droney geluid dat door alle 11 secties heen zweeft, en een haast hypnotiserende uitwerking heeft op de luisteraar. Dat maakt Music… dan ook geschikt als plaat op de koptelefoon bij een goed boek, om daarna op dezelfde voet door te gaan met, pak ‘m beet, Second Toughest in the Infants.